Citaat:
Willem was altijd op avontuur, het liefst in bos of hei, met zijn broertje Joep aan de hand. Dat werd zijn vader wel eens te veel. "Ik ben een man van twaalf ambachten en twee ongelukken, en dat zijn onze Willem en onze Joep", zei hij.
Joep herinnert zich hun moeder als de zachtheid zelve. Ze kreeg na Willem, nog drie meisjes, van wie er twee overleden. Joep was de jongste. Vader probeerde zijn vrijheidslievende kroost onder de duim te houden. Hij had twee harde knuisten. "Hij sloeg zowat dagelijks, want hij hield van regelmaat. Ook als we niets hadden gedaan, dan kregen we soms een preventieve hengst voor de kop."
Thuis hadden ze van alles rondscharrelen: kippen, konijnen, soms een kat of een hond. Ze hadden eens een Duitse herder die een kip van de buurman had doodgebeten. Dat kwam hen te staan op een bezoekje van iemand van de hondenbelasting. Maar vader ontkende dat hij een hond had. De ambtenaar hield vol, maar vader ook. "Ik heb je al gezegd: Ik heb geen hond, en als je nu niet gauw oplazert, dan laat ik hem los."
Uit: "Een rijke bron van verhalen" Willem Iven 1933-2009
Een 'naschrift' in De Verdieping van TROUW 2 november 2009 van de hand van Frans Dijkstra.
Willem Iven krijgt de KLOMP2005, de Brabantse Dialectprijs, uit handen van Gedeputeerde Luijendijk.